Uitspraak
1.Inleiding
2.Procesverloop
3.Advies van de instelling
4.Standpunt van partijen
5.Beoordeling
6.Beslissing
1 (één)jaar.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is in 2011 veroordeeld wegens overtreding van artikelen 245 en 248a Sr en sindsdien terbeschikking gesteld met verpleging. De tbs is sinds 2012 van kracht en werd in 2024 voor twee jaar verlengd. In december 2025 verzocht het Openbaar Ministerie om verlenging met één jaar.
De instelling adviseerde verlenging vanwege betrokkene's verstandelijke zwakbegaafdheid, autismespectrumstoornis en pedofilie, die leiden tot blijvende ernstige problematiek en een hoog recidivegevaar zonder begeleiding. Betrokkene verblijft sinds oktober 2025 in een beschermde woonvorm met meer verantwoordelijkheden en functioneert stabiel, mede dankzij medicatie en begeleiding.
De rechtbank oordeelt dat het wettelijke criterium voor verlenging is vervuld, mede gezien het positieve verloop in de nieuwe woonomgeving en het feit dat de reclassering nog onvoldoende betrokken is om risicomanagement te monitoren. Een voorwaardelijke beëindiging is op dit moment prematuur. De rechtbank verlengt de tbs met één jaar.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met verpleging met één jaar wegens blijvende ernstige stoornissen en recidivegevaar.