ECLI:NL:RBZWO:2001:AE6147
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. van Arem
- J.J. Szauer-Bos
- M.I. Lammertsma-van der Heij
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid na fibromyalgie niet correct vastgesteld
Eiseres ontving sinds 1995 een WAO-uitkering wegens voetklachten en werd herbeoordeeld op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek. Hoewel zij fibromyalgie en andere klachten aanvoerde, concludeerden artsen dat zij in staat was tot loonvormende arbeid. Verweerder stelde haar uitkering bij naar 45-55% arbeidsongeschiktheid, gebaseerd op functies die zij volgens de arbeidsdeskundige kon vervullen.
Eiseres betwistte dit en stelde dat haar beperkingen onvoldoende werden erkend en dat de geduide functies niet representatief waren voor haar situatie. De rechtbank oordeelde dat de medische beoordeling juist was en dat fibromyalgie op zichzelf geen beperkingenobjectivering gaf. Wel stelde de rechtbank vast dat verweerder onvoldoende functies had geduid die voldeden aan de eis van minimaal 30 arbeidsplaatsen en dat functies zoals portier onterecht werden meegeteld.
Daarom kon het besluit tot herziening van de uitkering niet in stand blijven. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken op 27 november 2001.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd.