ECLI:NL:RBZWO:2001:ZF1359
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging gedoogbesluit ligplaats woonschip wegens schending zorgvuldigheid en motiveringsbeginsel
De rechtbank Zwolle behandelde het beroep tegen een besluit van de gemeente Zwolle waarbij een gedoogverklaring met voorwaarden voor een ligplaats van een woonschip werd gehandhaafd. Eiser betoogde dat het besluit geen wettelijke grondslag had en dat de gemeente onrechtmatig had gehandeld door strengere voorwaarden op te leggen na vervanging van het casco van de woonboot.
De rechtbank oordeelde dat artikel C9 van de APV een voldoende wettelijke grondslag biedt voor het vergunningenstelsel voor woonschepen, waarbij ook volksgezondheidsaspecten zoals geluidshinder in aanmerking mogen worden genomen. De toepassing van de Wet Geluidhinder was niet rechtstreeks, maar analoog, wat niet onredelijk was.
Echter stelde de rechtbank vast dat de gemeente een schriftelijke toezegging aan eiser had geschonden door ligplaatsen aan anderen toe te wijzen zonder eiser te informeren. Deze schending had de gemeente moeten betrekken bij het besluit, wat niet was gebeurd. Hierdoor handelde de gemeente in strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het vonnis benadrukt het belang van zorgvuldigheid en correcte motivering bij bestuursbesluiten die individuele rechten raken.
Uitkomst: Het bestreden gedoogbesluit wordt vernietigd wegens schending van zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel en schending van een schriftelijke toezegging.