ECLI:NL:RBZWO:2002:AE3180
Rechtbank Zwolle
- Kort geding
- E.A. Maan
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot medewerking aan DNA-onderzoek in vaderschapsgeschil
Eiser heeft gedaagde gedagvaard in kort geding met het verzoek haar te veroordelen tot medewerking aan een DNA-onderzoek bij het CLB, afdeling Immunogenetica te Amsterdam, om zijn mogelijke vaderschap van het minderjarige kind van gedaagde vast te stellen. Gedaagde is niet verschenen en verstek is verleend.
Partijen hadden tussen 1998 en 1999 een affectieve en seksuele relatie. Gedaagde beviel in augustus 1999 van een kind over wie zij het ouderlijk gezag heeft. Eiser heeft regelmatig omgang met het kind. Gedaagde heeft aanvankelijk verklaard dat een derde de biologische vader is, maar later dat eiser de vader is. Ondanks toezeggingen weigerde zij medewerking aan het DNA-onderzoek.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser een spoedeisend en gerechtvaardigd belang heeft bij het onderzoek, dat ook het algemeen belang dient. Gedaagde handelt in strijd met haar rechtsplicht door niet mee te werken. De veroordeling strekt zich uit tot medewerking aan het onderzoek en het ter beschikking stellen van DNA-materiaal, met een gemaximeerde dwangsom bij niet-naleving. Proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan DNA-onderzoek met dwangsom bij niet-naleving en eigen kostenverdeling.