ECLI:NL:RBZWO:2003:AF8785
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet taxichauffeur wegens ernstige tekortkomingen en niet tijdige verantwoording
De eiser, een taxichauffeur in dienst sinds 1999, werd op 20 februari 2002 op staande voet ontslagen door zijn werkgever, de gedaagde, vanwege een gewelddadig incident en herhaalde tekortkomingen in zijn functioneren. De werkgever stelde dat de eiser betrokken was bij een incident waarbij een passagier een voetganger mishandelde en dat de eiser dit niet had gemeld, naast het niet tijdig inleveren van rittenstaten en gelden.
De eiser betwistte het incident en stelde dat hij het wel had gemeld aan de centralist. De rechtbank ging uit van de lezing van de eiser omdat de werkgever geen bewijs leverde. Desondanks stond vast dat de eiser herhaaldelijk niet tijdig en correct zijn rittenstaten en gelden had ingeleverd, ondanks meerdere waarschuwingen en gesprekken.
De kantonrechter oordeelde dat de ernstige tekortkomingen en het niet nakomen van verplichtingen een dringende reden vormden voor het ontslag op staande voet. Het ontslag werd daarom als terecht beoordeeld en de vordering van de eiser tot schadevergoeding werd afgewezen. De eiser werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van de taxichauffeur werd als terecht beoordeeld en zijn vordering tot schadevergoeding afgewezen.