ECLI:NL:RBZWO:2003:AF9640
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens bedrijfsomstandigheden en ouderschapsverlof
Verzoekster, een tapijt- en vloerbedekkingsfabrikant, verzocht de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst met Verweerster, een verkoopadviseuse, te ontbinden wegens bedrijfseconomische omstandigheden en een herindeling van de rayons. Verweerster had tijdens haar zwangerschaps- en bevallingsverlof verzocht haar arbeidsduur te verminderen van vijf naar vier dagen per week, wat aanvankelijk werd geweigerd.
De kantonrechter stelde vast dat Verzoekster een ernstig verlies leed en maatregelen moest nemen, waaronder het terugbrengen van het aantal vertegenwoordigers. Verzoekster wilde Verweerster laten afvloeien, ondanks het anciënniteitbeginsel, omdat zij niet bereid was vijf dagen te werken, in tegenstelling tot haar collega’s.
Verweerster maakte aanspraak op haar wettelijk recht op ouderschapsverlof en stelde dat zij haar werk in vier dagen kon verrichten. De kantonrechter oordeelde dat het verzoek tot ontbinding niet toewijsbaar was, omdat het weigeren van het ouderschapsverlof in strijd was met de wet en het anciënniteitbeginsel niet onbillijk mocht worden doorbroken. De periode van ouderschapsverlof kon als proefperiode worden gebruikt voor de arbeidsduuraanpassing.
Daarom werd het verzoek tot ontbinding afgewezen en werd Verzoekster veroordeeld tot betaling van de proceskosten van Verweerster.
Uitkomst: Verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen en Verzoekster wordt veroordeeld in de proceskosten.