ECLI:NL:RBZWO:2003:AL3408
Rechtbank Zwolle
- Voorlopige voorziening
- H.C. Moorman
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid intrekking gedoogbeschikking coffeeshop bij exploitatie via rechtspersoon
Verzoekster exploiteerde een coffeeshop met een gedoogbeschikking die oorspronkelijk aan haar als natuurlijke persoon was verleend. Na omzetting van haar eenmanszaak in een besloten vennootschap (B.V.) werd de gedoogbeschikking ingetrokken omdat het beleid voorschrijft dat alleen natuurlijke personen als exploitant in aanmerking komen.
De rechtbank stelt vast dat het beleid van verweerder, gericht op transparantie en beheersbaarheid van de drugsproblematiek, een redelijke grondslag heeft. Het gedoogbeleid vereist dat de exploitant een natuurlijk persoon is, mede vanwege zedelijkheidseisen en het voorkomen van handelspraktijken met gedoogbeschikkingen.
Verzoekster voerde aan dat zij feitelijk nog steeds de beleidsbepalende persoon is en dat de omzetting in een B.V. geen overdracht van de gedoogbeschikking betekent. De rechtbank erkent dit, maar benadrukt dat het beleid niet onredelijk is en dat de intrekking logisch voortvloeit uit het beleid.
Echter, verweerder heeft nagelaten te onderzoeken of verzoekster de rechtsvorm weer kon terugdraaien om aan de voorwaarden te voldoen. Dit gebrek aan zorgvuldigheid en motivering leidt tot vernietiging van het besluit. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het geschil in de hoofdzaak is beslist.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de gedoogbeschikking wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid.