ECLI:NL:RBZWO:2003:AO0708
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- M.H.P. Beukelman
- W.J.B. Cornelissen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit WAO-premie zonder korting voor kleine werkgever wegens strijd met artikel 78 WAO
Eiseres, een kleine werkgever, werd geconfronteerd met een gedifferentieerde WAO-premie van 2,38% voor 2003, zonder de eerdere korting die zij in 2002 ontving. Dit was het gevolg van een wijziging in het Besluit premiedifferentiatie WAO, waarbij de korting voor kleine werkgevers op nihil werd gesteld.
Eiseres stelde dat deze wijziging niet strookte met artikel 78 van Pro de WAO, dat voorschrijft dat jaarlijks een opslag of korting op basis van het arbeidsongeschiktheidsrisico moet worden vastgesteld. Volgens eiseres was het besluit van de minister om de korting nihil te maken een overschrijding van zijn bevoegdheid en daarmee onverbindend.
De rechtbank oordeelde dat artikel 78, derde lid, van de WAO vereist dat voor elke werkgever een opslag of korting wordt vastgesteld en dat het buiten werking stellen van deze bepaling door het nihil maken van de korting niet verenigbaar is met de wet. Ook bood artikel 78, zesde lid, geen wettelijke grondslag voor de nihilbepaling in het Besluit premiedifferentiatie WAO.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV het griffierecht aan eiseres vergoedt. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het besluit waarbij de WAO-premie zonder korting werd vastgesteld is vernietigd wegens strijd met artikel 78 van de WAO.