ECLI:NL:RBZWO:2004:AO3961
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.O.M. van Aerde
- W.G.M. Klein Langevelsloo
- H.B. Timmerman
- Rechtspraak.nl
Gebruik van grond voor volkstuintjes kwalificeert niet als pacht
De wijkvereniging WVF, die sociaal-culturele belangen behartigt voor haar leden, heeft sinds 1983 een perceel grond van circa 1,6 hectare in gebruik voor volkstuintjes. WVF stelt dat de overeenkomst met de grondeigenaren een pachtovereenkomst betreft, omdat haar leden de grond bewerken en dit onder landbouw valt volgens de Pachtwet.
De grondeigenaren betwisten dit en kwalificeren de overeenkomst als huur, omdat de grond slechts ter beschikking is gesteld voor uitgifte aan leden en niet voor vruchttrekking in de zin van de Pachtwet. De rechtbank moet beoordelen of de rechtsverhouding als pacht kan worden aangemerkt.
De rechtbank overweegt dat de overeenkomst primair recreatief van aard is en niet gericht op landbouw of tuinbouw. De maatschappelijke en sociaal-culturele doelstellingen van WVF en het beperkte agrarische karakter van de tuinen spreken tegen toepassing van de Pachtwet. Jurisprudentie en wetsgeschiedenis ondersteunen dat volkstuinovereenkomsten niet als pacht worden gezien.
Daarom wijst de rechtbank de vordering van WVF af en veroordeelt haar in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het gebruik van grond voor volkstuintjes geen pachtovereenkomst is en wijst de vordering van WVF af.