ECLI:NL:RBZWO:2004:AO3971
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting omvang aanspraak weduwepensioen op grond van pensioenreglement
Eiseres vordert dat haar een weduwepensioen wordt toegekend berekend over 42,25 dienstjaren van haar overleden echtgenoot, met een jaarlijkse indexering van 1,85%, en dat gedaagde MTH een aanvullende koopsompolis afsluit om het verschil te dekken.
De werkgever MTH stelt dat de berekening van het weduwepensioen moet aansluiten bij artikel 1.1 van het pensioenreglement, waarbij alleen dienstjaren vanaf het 25e levensjaar van de werknemer worden meegeteld, wat resulteert in 37 dienstjaren. Dit leidt tot een lager weduwepensioen zonder recht op indexering.
De kern van het geschil betreft de interpretatie van de begrippen diensttijd en dienstjaren in het pensioenreglement. De rechtbank oordeelt dat het pensioenreglement niet anders definieert en dat het weduwepensioen een afgeleide is van het ouderdomspensioen, dat wordt opgebouwd vanaf het 25e levensjaar. Dit wordt ondersteund door pensioenopgaven en maatschappelijke opvattingen.
De rechtbank concludeert dat de aanspraak op het weduwepensioen gebaseerd moet zijn op 37 dienstjaren en dat het opgebouwde kapitaal onvoldoende is voor de gevorderde indexering. De vordering van eiseres wordt daarom afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot een hoger weduwepensioen op basis van 42,25 dienstjaren wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de kosten.