ECLI:NL:RVS:1999:AA3691
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- R.H. Lauwaars
- B. van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van belanghebbendheid en ontvankelijkheid bij bezwaar tegen VBS-tarief facturen
De zaak betreft hoger beroepen van agenten en hun vertegenwoordigden tegen uitspraken van de rechtbank Rotterdam over het verkeersbegeleidingstarief voor scheepvaartverkeer (VBS-tarief). De agenten hadden bezwaar gemaakt tegen facturen van de Inspecteur van de Belastingdienst Douane, die door de rechtbank deels werden vernietigd en bezwaren niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad van State overweegt dat de agenten niet kapitein, eigenaar of rompbevrachter zijn, en dat hun belang afgeleid is van dat van de principaal. Dit betekent dat zij niet als belanghebbenden bij de besluiten kunnen worden aangemerkt. Ook het feit dat zij namens de betalingsplichtigen betalen of borg staan, verandert hier niets aan.
Verder oordeelt de Raad dat de door de agenten vertegenwoordigden eerst bezwaar hadden moeten maken voordat zij beroep konden instellen, wat zij niet hebben gedaan. Er is geen reden om dit verzuim te verontschuldigen, waardoor de beroepen niet-ontvankelijk zijn. De Raad bevestigt daarom de aangevallen uitspraken en wijst de hoger beroepen af.
Uitkomst: De hoger beroepen worden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.