ECLI:NL:RVS:1999:AA4539
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over busstrookbesluit en belanghebbendheid appellant
Gedeputeerde staten van Limburg hebben bij besluit van 10 juli 1998 een gedeelte van de provinciale weg aangewezen als busstrook. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit vanwege een vermeende onveilige situatie onder een fietsbrug, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard. De president van de arrondissementsrechtbank Maastricht verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit en verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk.
In hoger beroep onderzocht de Raad van State of appellant voldoende rechtstreeks belang had bij het besluit. Appellant stelde dat hij en zijn gezin regelmatig gebruik maken van de weg waarop het besluit betrekking heeft en dat daardoor onveilige situaties kunnen ontstaan. De Raad oordeelde echter dat appellant zich niet onderscheidt van andere weggebruikers en dat hij niet afhankelijk is van het betrokken weggedeelte, omdat er meerdere ontsluitingswegen zijn.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de president van de arrondissementsrechtbank. Er werden geen proceskosten toegewezen. Hiermee blijft het busstrookbesluit van kracht en wordt het bezwaar van appellant afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.