ECLI:NL:RVS:1999:AA4540
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Verzoek om huursubsidie afgewezen wegens te late indiening aanvraag
A heeft een aanvraag voor huursubsidie ingediend op 1 oktober 1996, terwijl de wettelijke termijn voor indiening uiterlijk op 30 september 1996 eindigde. De rechtbank Maastricht had het beroep van A gegrond verklaard en het besluit van de Staatssecretaris vernietigd. De Raad van State oordeelt echter dat de aanvraag te laat is ingediend omdat het tijdvak waarop de aanvraag betrekking heeft op 1 juli 1996 is aangevangen en de termijn van drie maanden dus op 30 september 1996 eindigde.
A voerde aan dat de huursubsidie ook bij overschrijding van de termijn niet mocht worden geweigerd vanwege het niet naleven van termijnen door de Staatssecretaris, maar de Raad van State wijst dit af omdat de wet geen dergelijke gevolgen aan de overschrijding verbindt.
De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van A ongegrond. Er worden geen proceskosten toegekend in hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep van A wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van de aanvraag huursubsidie.