ECLI:NL:RVS:2000:AA7140
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid mandateren bouwvergunning en binnenplanse vrijstelling transformatorstation niet in strijd met wet
Burgemeester en wethouders van Terschelling verleenden op 22 augustus 1997 een bouwvergunning en binnenplanse vrijstelling voor het plaatsen van een transformatorstation op een perceel te Midsland. De vergunning werd verleend door een gemeenteambtenaar op grond van het Mandaatconvenant 1991, waarbij de bevoegdheid tot het verlenen van dergelijke vergunningen was gemandateerd onder voorwaarden zoals naleving van het bestemmingsplan en een positief welstandsadvies.
Appellant stelde dat het besluit onbevoegd was genomen, omdat de vergunning zou zijn verleend door een ambtenaar zonder mandaat en op een locatie die afweek van de aanvraag. De Raad van State oordeelde dat de mandatering rechtsgeldig was en dat de gewijzigde locatie was goedgekeurd door de welstandscommissie, met een positief advies. Er was geen sprake van onbevoegd handelen.
Verder werd geoordeeld dat de belangen van appellant voldoende waren meegewogen en dat de handhaving van de vergunning terecht was. De alternatieve locatie die appellant aanvoerde bood geen aanzienlijk beter resultaat met minder bezwaren. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de vergunning is terecht gehandhaafd.