ECLI:NL:RVS:2000:AA7143
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- J.H. Grosheide
- J.A.M. van Angeren
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ministeriële besluiten over rijksvergoeding huisvesting onderwijsinstelling
Appellante, een onderwijsinstelling, maakte bezwaar tegen ministeriële besluiten waarbij de rijksvergoeding voor huisvesting over 1997 werd vastgesteld en waarbij een verrekening plaatsvond over de periode van 1 januari tot en met 30 juni 1997. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellante ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad overweegt dat de Wet van 29 mei 1997 en de daarop gebaseerde Regeling bekostiging huisvesting bve-sector pas op 1 juli 1997 in werking zijn getreden. De wet voorziet niet in terugwerkende kracht tot 1 januari 1997, zodat de minister ten onrechte de regeling met terugwerkende kracht toepaste. De besluiten van 18 juli en 20 oktober 1997 zijn daarom in strijd met de wet genomen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover het beroep ongegrond werd verklaard, vernietigt de ministeriële besluiten van 11 mei en 19 juni 1998, herroept de besluiten van 18 juli en 20 oktober 1997 en bepaalt dat de minister binnen zes weken de rijksvergoeding opnieuw moet vaststellen zonder terugwerkende kracht.
Verder wordt de minister veroordeeld in de proceskosten en wordt het betaalde griffierecht aan appellante vergoed. Het overige van de uitspraak van de rechtbank blijft in stand.
Uitkomst: De ministeriële besluiten met terugwerkende kracht tot 1 januari 1997 zijn vernietigd en de minister moet de rijksvergoeding opnieuw vaststellen.