ECLI:NL:RVS:2000:AA7249
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W.P. van der Haak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing ligplaatsvergunning woonschip en opdracht tot nieuwe beslissing
Appellant verzocht om een ligplaatsvergunning voor een woonschip op zijn naam te stellen, welke door het dagelijks bestuur van het stadsdeel Rivierenbuurt werd afgewezen. Het bezwaar tegen deze afwijzing werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
De Raad van State oordeelde dat het dagelijks bestuur ten onrechte de 'Richtlijnen bij vervanging van woonschepen' als grondslag voor het besluit had genomen, terwijl er geen sprake was van vervanging. Verder was het beleid dat ligplaatsvergunningen na verkoop worden overgeschreven op de nieuwe eigenaar niet betwist, en er waren geen bijzondere omstandigheden om hiervan af te wijken.
De Raad stelde vast dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vergunningen aan de rechtsvoorganger misslagen waren en dat het bezwaar niet voldoende was gemotiveerd. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het dagelijks bestuur vernietigd, en werd het stadsdeel opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
Tot slot werd de gemeente Amsterdam veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht door appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak worden vernietigd, en het stadsdeel moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.