ECLI:NL:RVS:2000:AA7394
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.K.W. Bartel
- B. van Wagtendonk
- F.P. Zwart
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek bevoegdheid uitoefening geneeskunst op grond van onvoldoende gelijkwaardigheid opleiding
Appellant verzocht de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om hem de bevoegdheid tot uitoefening van de geneeskunst te verlenen. Dit verzoek werd door de Minister afgewezen op basis van een advies van de Commissie Buitenlandse geneeskundigen en de Nuffic, die concludeerden dat de medische opleiding van appellant in Turkije niet gelijkwaardig was aan de Nederlandse opleiding tot basisarts.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de Minister ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de adviezen van de Commissie en de Nuffic niet onjuist of onredelijk waren en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn opleiding gelijkwaardig was aan de Nederlandse opleiding. Ook het betoog over de duur van de co-schappen en de vooropleiding werd verworpen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.