ECLI:NL:RVS:2000:AA8951
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.A.E. van der Does
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning reconstructie tankstation
Burgemeester en wethouders van Beek verleenden op 3 januari 2000 een bouwvergunning en vrijstelling voor de reconstructie van een tankstation. Verzoekers maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat op 22 mei 2000 ongegrond werd verklaard. De president van de arrondissementsrechtbank Maastricht vernietigde vervolgens dit besluit op 15 augustus 2000, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Verzoekers stelden daarop hoger beroep in bij de Raad van State en verzochten om een voorlopige voorziening om de bouwactiviteiten te schorsen.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat bestuursbesluiten in beginsel uitvoerbaar zijn, ook als daartegen rechtsmiddelen zijn ingesteld, en dat de bouwer het risico draagt van het gebruik van een niet onherroepelijke vergunning. Indien in de bodemprocedure wordt geoordeeld dat de rechtsgevolgen ten onrechte in stand zijn gelaten, kunnen de gebreken bij een nieuw besluit worden hersteld. Bovendien zal dan sprake zijn van een meer uitgewerkt planologisch kader.
Gezien deze omstandigheden en het feit dat de belangen van de vergunninghouder bij voortzetting van de bouwactiviteiten zwaarder wegen dan die van de verzoekers bij schorsing, werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning voor de reconstructie van het tankstation wordt afgewezen.