ECLI:NL:RVS:2000:AA9034
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.H. Grosheide
- H. Bekker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking exploitatievergunning coffeeshop wegens overtreding gedoogcriteria
De burgemeester van Amsterdam heeft op 3 december 1997 de exploitatievergunning van een coffeeshop tijdelijk ingetrokken en de inrichting geschrapt van de lijst van gedoogde verkooppunten vanwege overtreding van de maximale handelsvoorraad softdrugs. Appellant maakte bezwaar, dat door de burgemeester werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bij de Raad van State werd dit oordeel bevestigd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het gemeentelijke beleid en het stappenplan dat de burgemeester hanteert niet kennelijk onredelijk zijn. De bevoegdheid tot intrekking van de vergunning is gebaseerd op artikel 3.2, achtste lid, van de Algemene plaatselijke verordening Amsterdam, die voorziet in maatregelen bij gevaar voor openbare orde en woonklimaat. Appellant voerde aan dat het recht op een contra-expertise ontbrak, maar de Afdeling stelde vast dat de aangetroffen hoeveelheid softdrugs ruim boven de toegestane 500 gram lag en dat een contra-expertise naar de werkzame stof niet relevant was.
De Afdeling concludeerde dat de burgemeester zijn bevoegdheid op juiste wijze heeft uitgeoefend en dat de opgelegde maatregel, hoewel deels punitief van aard, gerechtvaardigd is gezien de ernst van de overtreding. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van de exploitatievergunning wegens overschrijding van de gedoogde softdrughoeveelheid.