ECLI:NL:RVS:2000:AA9809
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W.P. van der Haak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering exploitatievergunning horeca vanwege softdrugshandel en woonklimaat
Appellant verzocht om een vergunning voor de exploitatie van een horecagelegenheid, welke door de burgemeester van Tegelen werd geweigerd op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Na bezwaar werd het oorspronkelijke besluit ingetrokken, maar op andere gronden opnieuw geweigerd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester terecht het oordeel van ontoelaatbare nadelige invloed op het woon- en leefklimaat mocht baseren op politierapportages waarin softdrugshandel en -gebruik in het pand werden vastgesteld. De aanwezigheid van minderjarigen en de omvang van de handel versterkten dit oordeel. De Raad verwierp het betoog dat de burgemeester niet redelijk had kunnen oordelen vanwege het ontbreken van een strafrechtelijke veroordeling.
De Raad bevestigde dat de rechter bij toetsing het oordeel van de burgemeester moet respecteren, tenzij dit onredelijk is. Gezien het nul-optie-beleid en de feiten was het oordeel van de burgemeester redelijk. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de exploitatievergunning wegens softdrugshandel en negatieve invloed op het woon- en leefklimaat.