ECLI:NL:RVS:2001:AB0571

Raad van State

Datum uitspraak
27 februari 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
200004758/2.
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
  • P. van Dijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:5 AwbArt. 7:1 AwbArt. 21 WROArt. 8:55 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen voorbereidingsbesluit vóór wijziging negatieve lijst

De raad der gemeente Venray nam op 31 augustus 1999 een voorbereidingsbesluit waarop destijds geen bezwaar of beroep mogelijk was vanwege de negatieve lijst in artikel 8:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door de raad niet-ontvankelijk werd verklaard. De wijziging van de negatieve lijst op 3 april 2000, waarbij artikel 21 WRO Pro werd geschrapt, maakte het besluit echter niet alsnog vatbaar voor bezwaar of beroep.

De rechtbank Roermond verklaarde het beroep van appellanten tegen de niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. De Raad van State bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De datum van het voorbereidingsbesluit is bepalend voor de mogelijkheid tot bezwaar en beroep, niet de datum van de beslissing op bezwaar.

Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De Raad van State oordeelde dat de niet-ontvankelijkverklaring terecht was en verklaarde het hoger beroep kennelijk ongegrond.

Uitkomst: Bezwaar tegen voorbereidingsbesluit van vóór 3 april 2000 is niet ontvankelijk verklaard en deze beslissing is bevestigd.

Uitspraak

Raad
van State
200004758/2.
Datum uitspraak: 27 februari 2001
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak na vereenvoudigde behandeling (artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van:
A en A-B, beiden wonend te C,
appellanten,
tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank te Roermond van 2 oktober 2000 in het geding tussen:
appellanten,
en
de raad der gemeente Venray.
1. Procesverloop
Bij besluit van 31 augustus 1999 heeft de raad der gemeente Venray (hierna: de raad) een voorbereidingsbesluit genomen als bedoeld in artikel 21 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Bij besluit van 29 februari 2000, verzonden op 20 april 2000, heeft de raad het daartegen door appellanten gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Bij uitspraak van 2 oktober 2000, verzonden op dezelfde dag, heeft de arrondissementsrechtbank te Roermond (hierna: de rechtbank) het daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.
[redactie: url('AA8133',http://www.rechtspraak.nl/uitspraak/show_detail.asp?ui_id=21828)]
Tegen deze uitspraak hebben appellanten bij brief van 4 oktober 2000, bij de Raad van State ingekomen op 6 oktober 2000, hoger beroep ingesteld.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
2. Overwegingen
2.1. Vast staat dat op het moment waarop de raad zijn besluit van 31 augustus 1999 heeft genomen, daartegen geen beroep kon worden ingesteld vanwege het bepaalde in artikel 8:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en de in die bepaling genoemde bijlage (“negatieve lijst").
2.2. Uit het bepaalde in artikel 7:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht - voorzover hier relevant - volgt dat uitsluitend bezwaar kan worden gemaakt door degene aan wie het recht is toegekend tegen een besluit beroep in te stellen bij een administratieve rechter.
2.3. Uit het voorgaande volgt dat tegen het besluit van 31 augustus 1999 geen bezwaar kon worden gemaakt, aangezien daartegen ten tijde van het nemen van dat besluit geen beroep openstond.
2.4. De op 3 april 2000 in werking getreden wijziging van de genoemde bijlage, waarbij artikel 21, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening van de negatieve lijst is geschrapt, kan er niet toe leiden dat een vóór 3 april 2000 genomen voorbereidingsbesluit alsnog vatbaar wordt voor bezwaar en beroep. Aan het feit dat de beslissing op bezwaar eerst na de wijziging van de bijlage aan appellanten bekend is gemaakt, komt geen betekenis toe nu voor de mogelijkheid van bezwaar en beroep de datum waarop het voorbereidingsbesluit is vastgesteld bepalend is.
2.5. Gelet op het vorenstaande heeft de rechtbank met juistheid geoordeeld dat de raad het door appellanten gemaakte bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.
2.6. Het hoger beroep is kennelijk ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. P. van Dijk, Lid van de enkelvoudige kamer,
in tegenwoordigheid van mr. drs. M.A.G. Stolker, ambtenaar van Staat.
w.g. Van Dijk w.g. Stolker
Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 27 februari 2001
Tegen deze uitspraak kan verzet worden gedaan (artikel 8:55 van Pro de
Algemene wet bestuursrecht).
Verzet dient schriftelijk en binnen zes weken na verzending van deze uitspraak te worden gedaan.
In het verzetschrift moeten de redenen worden vermeld waarom de indiener het niet eens is met de gronden waarop de beslissing is gebaseerd.
Indien de indiener over het verzet door de Afdeling wenst te worden gehoord, dient dit in het verzetschrift te worden gevraagd. Het horen gebeurt dan uitsluitend over het verzet.
58-157.
Verzonden: 27 febr. 2001
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris van de Raad van State,
voor deze,