ECLI:NL:RVS:2001:AB0947
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.H.B. van der Meer
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit voorkeursrecht wegens onvoldoende belangenafweging en beperkte beoordelingsmaatstaf
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van de gemeente Landgraaf om een voorkeursrecht te vestigen op een perceel dat zij in gebruik heeft als paardenwei, terwijl haar naastgelegen woonperceel niet met een voorkeursrecht was bezwaard. Zij stelde dat de waarde van haar woonperceel zou dalen doordat het perceel met paardenwei apart verkocht zou moeten worden, terwijl een gecombineerde verkoop meer op zou leveren.
De gemeente stelde dat de percelen niet als een samenhangend geheel konden worden beschouwd vanwege de fysieke afstand en een pad tussen de percelen. De Raad van State oordeelde dat het begrip 'samenhangend geheel' niet alleen territoriaal is, maar ook kan samenhangen met de wijze van exploitatie, en dat de gemeente een te beperkte maatstaf hanteerde.
Verder concludeerde de Raad dat de gemeente het financiële belang van appellante niet op juiste wijze in de besluitvorming had betrokken, wat in strijd is met het motiveringsbeginsel van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de gemeente opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Landgraaf tot vestiging van een voorkeursrecht wordt vernietigd vanwege onvoldoende belangenafweging en te beperkte interpretatie van 'samenhangend geheel'.