ECLI:NL:RVS:2001:AB6658
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- E.D. Boer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bestuursdwang voor illegale erfafscheiding ondanks bezwaren
Appellante werd door burgemeester en wethouders van Heemstede aangesproken om de erfafscheiding achter haar woning te verlagen tot de toegestane hoogte van 2 meter. Dit betrof met name de delen B en C van de erfafscheiding, die hoger waren dan toegestaan en waarvoor geen vergunning was verleend.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en stelde dat de vier delen van de erfafscheiding als één geheel moeten worden gezien. De Raad van State bevestigde deze uitspraak en oordeelde dat burgemeester en wethouders bevoegd waren om handhavend op te treden tegen de illegale situatie.
Appellante voerde aan dat het handhavingsverzoek van een derde slechts betrekking had op deel D en dat het beleid van burgemeester en wethouders alleen handhaving op verzoek van omwonenden toestond. Dit werd door de Raad van State verworpen omdat er sprake was van een actief handhavingsbeleid. Ook het bezwaar dat de kosten voor het verlagen hoog zouden zijn, werd niet als bijzondere omstandigheid erkend.
De Raad van State wees het hoger beroep af en bevestigde het besluit tot bestuursdwang. Tevens werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot bestuursdwang wordt bevestigd.