ECLI:NL:RVS:2001:AB9072
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J. Boukema
- J.A.M. van Angeren
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tussentijds ontslag lid Regionaal orgaan Amsterdam door gemeenteraad
Appellante werd door de gemeenteraad van Zaanstad met onmiddellijke ingang ontslagen als lid van het Regionaal orgaan Amsterdam (ROA-raad) omdat zij niet conform het meerderheidsstandpunt had gestemd over maatregelen ter verbetering van de bereikbaarheid van de Noordvleugel.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk, maar de Raad van State stelde vast dat appellante wel degelijk zelf beroep had ingesteld en vernietigde het eerdere oordeel. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat ontslagbesluiten van politieke aard niet inhoudelijk getoetst kunnen worden, maar slechts op de juiste procedurele totstandkoming.
De Raad van State concludeerde dat het ontslagbesluit procedureel correct tot stand was gekomen en dat het betoog van appellante dat het besluit strijdig zou zijn met de Kaderwet bestuur in verandering geen feitelijke grondslag had. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar appellante kreeg vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het tussentijds ontslag werd ongegrond verklaard omdat het besluit procedureel correct was genomen en niet inhoudelijk getoetst kan worden.