ECLI:NL:RVS:2001:AC3560
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- H.W. Groeneweg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek minderjarige ondanks strafrechtelijke veroordeling
Appellant verzocht om naturalisatie van zijn zoon, welke werd afgewezen door de Staatssecretaris van Justitie vanwege een strafrechtelijke veroordeling voor vernieling. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat de Staatssecretaris dezelfde richtlijnen toepast voor minderjarigen als voor meerderjarigen, omdat het jeugdstrafrecht rekening houdt met de leeftijd van de dader. De enkele omstandigheid dat het delict gering was en het een incident betrof, evenals de jonge leeftijd van de zoon, vormen geen grond voor afwijking van de richtlijnen.
Er is geen bijzondere omstandigheid die rechtvaardigt dat van de richtlijnen wordt afgeweken. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.