ECLI:NL:RVS:2001:AD0548
Raad van State
- Herziening
- R. Cleton
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State tot kennisneming van hoger beroep tegen afwijzing verzoek herziening
Appellant verzocht de rechtbank om herziening van een eerdere uitspraak op grond van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank wees dit verzoek af. Tegen deze afwijzing stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak en oordeelde dat het hoger beroep tegen een uitspraak op een verzoek om herziening niet openstaat, tenzij er sprake is van evidente schending van fundamentele rechtsbeginselen.
In deze zaak was geen sprake van een dergelijke schending. De Afdeling concludeerde daarom dat zij onbevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt de beperkte rechtsbescherming tegen beslissingen op verzoeken tot herziening binnen het bestuursrecht.
De procedure omvatte een eerdere uitspraak van de rechtbank die het bezwaar van appellant tegen een besluit van burgemeester en wethouders gegrond verklaarde, gevolgd door een afwijzing van het herzieningsverzoek. Het hoger beroep bij de Raad van State werd uiteindelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens onbevoegdheid.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot herziening.