ECLI:NL:RVS:2001:AD4507
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E.A. Alkema
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing terugkomen op verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken nieuw gebleken feiten
De staatssecretaris van Justitie weigerde terug te komen op de afwijzing van een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel te verlenen. De vreemdeling stelde dat hij vanwege vertaalproblemen bepaalde littekens niet eerder had gemeld, maar dit werd niet als nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden aangemerkt.
De president van de arrondissementsrechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de staatssecretaris. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het beroep slechts kon leiden tot de toetsing of er nieuwe feiten of omstandigheden waren die heroverweging van het eerdere besluit rechtvaardigden. Aangezien dit niet het geval was, werd de uitspraak van de president vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 5 september 2001.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank.