ECLI:NL:RVS:2001:AD4589
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Dolman
- P.J.A.M. Broekman
- Rechtspraak.nl
Vergunning voor aanleg laarzenpad in natuurmonument niet onrechtmatig
De zaak betreft een vergunning verleend door de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij voor de aanleg en het onderhoud van een laarzenpad in het staats- en beschermd natuurmonument "Kievitsbloemterrein onder Hasselt en Zwolle en Kievitsbloemterreinen langs de Overijsselse Vecht". Appellanten maakten bezwaar tegen de vergunning vanwege mogelijke aantasting van het natuurschoon en de natuurwetenschappelijke betekenis van het gebied, met name verstoring van vogels en beschadiging van beschermde flora.
De vergunning werd verleend onder strikte voorwaarden, waaronder het niet afwijken van de aangegeven route, het afsluiten van het gebied tijdens het broedseizoen en het verbod op honden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat bij de vergunningverlening een belangenafweging moest plaatsvinden tussen het behoud van de wezenlijke kenmerken van het natuurmonument en het belang van recreatief medegebruik.
De Raad concludeerde dat de Staatssecretaris in redelijkheid meer gewicht mocht toekennen aan het belang van recreatief medegebruik, gelet op de voorwaarden die de verstoring van de natuur zoveel mogelijk beperken. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor het laarzenpad wordt ongegrond verklaard.