ECLI:NL:RVS:2001:AD4993
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.M. Boll
- C.A. Terwee-van Hilten
- Rechtspraak.nl
Vergunning voor doden kok- en zilvermeeuwen ter bescherming volksgezondheid bevestigd
De zaak betreft een hoger beroep tegen de vernietiging door de rechtbank van een vergunning verleend door de Commissaris van de Koningin in Gelderland voor het opsporen, bemachtigen en doden van kok- en zilvermeeuwen bij een recreatieplas te Barneveld. De vergunning is verleend op grond van de Vogelwet 1936, waarbij gebruik van een geweer is toegestaan om de meeuwen te bestrijden die ziekteverwekkers verspreiden via hun uitwerpselen in het water.
De rechtbank oordeelde dat de vergunning niet in redelijkheid kon worden verleend omdat een andere bevredigende oplossing bestond, namelijk het regelmatig controleren van de waterkwaliteit en het eventueel instellen van een zwemverbod. De vergunninghoudster stelde dat de rechtbank ten onrechte terughoudendheid bij toetsing aan het criterium van een andere bevredigende oplossing had genegeerd en dat de alternatieven die de rechtbank noemde niet binnen de wettelijke kaders vielen.
De Raad van State oordeelde dat het criterium van een andere bevredigende oplossing een zekere beoordelingsvrijheid aan het bestuursorgaan toekent en dat de rechtbank deze terughoudendheid niet in acht had genomen. Het controleren van waterkwaliteit en het instellen van een zwemverbod vallen niet onder de wettelijk toegestane schadebeperkende maatregelen. De Raad stelde vast dat de Commissaris op overtuigende wijze had aangetoond dat er geen andere bevredigende verjagingsmiddelen waren om de vervuiling te beteugelen en dat de belangen zorgvuldig waren afgewogen.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de Stichting ongegrond. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante terugbetaald.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vergunning voor het doden van kok- en zilvermeeuwen vanwege gezondheidsrisico's en vernietigt het vonnis van de rechtbank.