ECLI:NL:RVS:2001:AE3499
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevoegdheid burgemeester en wethouders tot bestuursdwang bij illegale beschoeiing
In deze bestuursrechtelijke zaak stond centraal of een beschoeiing van circa 50 meter lang en ongeveer 1 meter boven het water uitkomend, als een bouwwerk in de zin van de Woningwet moet worden aangemerkt en of burgemeester en wethouders bevoegd waren bestuursdwang toe te passen.
De rechtbank had geoordeeld dat de beschoeiing een bouwwerk is en dat voor het aanbrengen daarvan een bouwvergunning vereist is, omdat het niet om een vergunningvrij bouwwerk van beperkte omvang gaat. Burgemeester en wethouders waren van mening dat zij niet bevoegd waren tot handhavend optreden, maar dit werd door de rechtbank verworpen.
De Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de beschoeiing als bouwwerk moet worden aangemerkt en dat burgemeester en wethouders bevoegd zijn bestuursdwang toe te passen. Het hoger beroep van burgemeester en wethouders en appellant sub 2 werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak benadrukt het belang van het tijdig en correct toepassen van bestuursdwang bij het overtreden van de Woningwet.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.