ECLI:NL:RVS:2001:AF5958
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M. Vlasblom
- E.D.A.M. Zegveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzetting tijdens hoger beroep asielprocedure
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel, welke door de Staatssecretaris van Justitie is afgewezen op 18 juni 2001. Tegen deze afwijzing heeft verzoekster beroep ingesteld bij de arrondissementsrechtbank te ’s-Gravenhage, dat op 20 augustus 2001 ongegrond werd verklaard.
Vervolgens heeft verzoekster hoger beroep ingesteld bij de Raad van State en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om haar uitzetting tijdens de behandeling van het hoger beroep te voorkomen. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft dit verzoek beoordeeld aan de hand van de Vreemdelingencirculaire 2000 en de spoedeisendheid van het belang.
De Voorzitter oordeelde dat het beroep op korte termijn zal worden behandeld en dat er geen zodanig spoedeisend belang is dat de uitspraak niet kan worden afgewacht. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt afgewezen.