ECLI:NL:RVS:2002:AE0390
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit burgemeester en wethouders inzake paardenhouderij op perceel
Appellanten ontvingen een aanschrijving van burgemeester en wethouders om paarden van hun perceel te verwijderen, ondanks dat zij een bouwvergunning hadden voor het stallen van twee paarden in een bijgebouw. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellanten ongegrond, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het houden van twee paarden in het bijgebouw, waarvoor een vergunning was verleend en die formele rechtskracht had gekregen, niet zonder meer onrechtmatig kon worden verklaard. De aanschrijving om de paarden te verwijderen was daarom niet bevoegd op grond van artikel 20, tweede lid, van de Woningwet. De rechtbank had dit miskend door het bezwaar ongegrond te verklaren.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van burgemeester en wethouders, en droeg hen op een nieuw besluit te nemen. Tevens werden de proceskosten deels toegewezen aan appellanten, met uitzondering van kosten van niet-beroepsmatige rechtsbijstand.
Uitkomst: Het besluit van burgemeester en wethouders om appellanten aan te schrijven tot verwijdering van paarden wordt vernietigd en het hoger beroep wordt gegrond verklaard.