ECLI:NL:RVS:2002:AE0734
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- P.J.J. van Buuren
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Weigering compensatieregeling waterschapslasten geen bezwaarprocedure
Het college van volmachten van het Wetterskip Marne-Middelsee besloot op 26 september 1996 geen compensatieregeling in te voeren voor het dubbel in rekening brengen van waterschapslasten bij diverse ruilverkavelingen. Appellant verzocht om een dergelijke regeling, vergelijkbaar met die van andere waterschappen. Het college weigerde dit via een algemeen verbindend voorschrift of beleidsregel te regelen.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, maar de Raad van State oordeelde anders. Volgens de Raad is de weigering een algemeen verbindend voorschrift of beleidsregel te nemen geen besluit waartegen bezwaar mogelijk is. Dit volgt uit de artikelen 6:2, 7:1 en 8:2 van de Algemene wet bestuursrecht in onderlinge samenhang.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college van volmachten, verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant. Hiermee is bevestigd dat tegen de weigering een compensatieregeling te treffen geen bezwaar openstaat.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de weigering een compensatieregeling te treffen wordt niet-ontvankelijk verklaard.