ECLI:NL:RVS:2002:AE1238
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Dolman
- A.J. Soede
- Rechtspraak.nl
Bestuursdwang bij ontgrondingswerkzaamheden zonder vereiste vergunning
Appellant voerde beroep aan tegen het besluit van gedeputeerde staten van Overijssel om bestuursdwang toe te passen en ontgrondingswerkzaamheden te laten staken op zijn perceel. De werkzaamheden betroffen het verlagen van het maaiveld over een oppervlakte van circa 850 m² met een maximale diepte van 2,5 meter, waarbij ongeveer 2000 m³ geelzand werd gewonnen.
Verweerders stelden dat deze ontgrondingen niet als structuurverbetering konden worden aangemerkt, maar primair gericht waren op het verkrijgen van bodemmateriaal, waarvoor een vergunning vereist is volgens de Ontgrondingenwet en de provinciale verordening. Appellant betoogde dat hem was medegedeeld dat geen vergunning nodig was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de werkzaamheden vergunningplichtig waren en dat verweerders bevoegd waren bestuursdwang toe te passen. De vermeende toezegging van een medewerker van de provincie bindt verweerders niet. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot bestuursdwang wegens ontgrondingswerkzaamheden zonder vergunning is ongegrond verklaard.