ECLI:NL:RVS:2002:AE1510
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.A.E. van der Does
- R.W.L. Loeb
- J.H.B. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen geldigheid kandidatenlijsten Lijst Pim Fortuyn
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de besluiten van 5 april 2002 waarbij de kandidatenlijsten van de politieke groepering Lijst Pim Fortuyn geldig zijn verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak op 11 april 2002. Appellant stelde dat de hoofdstembureaus en Lijst Pim Fortuyn geen partijen waren, maar dit werd verworpen omdat de hoofdstembureaus de besluiten hadden genomen en Lijst Pim Fortuyn als belanghebbende was aangemerkt.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de kandidatenlijsten terecht geldig waren verklaard. Appellant voerde aan dat de wijze waarop Lijst Pim Fortuyn gebruik maakte van de democratie aanleiding gaf tot ongeldigverklaring. De Afdeling oordeelde dat de Kieswet een limitatief-imperatieve opsomming geeft van gronden voor ongeldigverklaring en dat geen van deze gronden zich voordeed. De Kieswet biedt geen grondslag voor toetsing aan andere dan formele vereisten.
De Afdeling verklaarde het beroep ongegrond en wees een verzoek tot wraking af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De geldigheid van de kandidatenlijsten werd bevestigd, waarmee de besluiten van de hoofdstembureaus stand hielden.
Uitkomst: Het beroep tegen de geldigheid van de kandidatenlijsten van Lijst Pim Fortuyn is ongegrond verklaard.