ECLI:NL:RVS:2002:AE1623
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J. Boukema
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering tijdelijke vergunning opslag bestratings- en tuinmateriaal in agrarisch gebied
De appellant heeft een hoveniersbedrijf op percelen met de bestemming 'Agrarisch gebied II' en omliggende tuinen, waar opslag van bestratings- en tuinmateriaal plaatsvindt. Het bestemmingsplan verbiedt dit gebruik, tenzij het gebruik bestond vóór 23 december 1987 en niet is vergroot.
Burgemeester en wethouders stelden dat maximaal 150 m3 opslag onder het overgangsrecht valt, waarvoor geen vergunning nodig is. De appellant voerde aan dat dit onjuist was, maar kon dit niet aannemelijk maken met de overgelegde verklaringen. De rechtbank en de president van de rechtbank wezen het beroep af.
De Raad van State oordeelt dat de president terecht heeft geoordeeld dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor een groter bestaand gebruik op de peildatum en dat het beroep ongegrond is. Ook het subsidiaire verzoek om tijdelijke vrijstelling voor opslag tussen 150 en 500 m3 faalt omdat appellant geen nieuwe argumenten aanvoert.
De uitspraak van de president wordt bevestigd en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de tijdelijke vergunning bevestigd.