ECLI:NL:RVS:2002:AE1819
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid appellanten in bezwaar tegen drank- en horecavergunning
Bij besluit van 27 juni 2000 verleenden burgemeester en wethouders van Denekamp aan ’t Ottenhof B.V. een drank- en horecavergunning voor de exploitatie van De Weemhof. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat bij besluit van 8 januari 2001 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten gegrond, vernietigde de beslissing op bezwaar en verklaarde appellanten niet-ontvankelijk in hun bezwaarschrift.
Appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellanten niet als belanghebbenden in de zin van artikel 1:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kunnen worden aangemerkt, omdat zij niet in de onmiddellijke nabijheid wonen, hun woningen niet aan de relevante verkeersroutes liggen en de parkeerplaats op minimaal 250 meter afstand is gelegen.
Daarom heeft de Afdeling het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Raad van State op 24 april 2002.
Uitkomst: Appellanten worden niet als belanghebbenden aangemerkt en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.