ECLI:NL:RVS:2002:AE1838
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J.M.S. Leyten-de Wijkerslooth
- J.R. Schaafsma
- F.P. Zwart
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens gebruiksverbod bestrijdingsmiddel in grondwaterbeschermingsgebied
Appellant verzocht om schadevergoeding wegens het niet mogen toepassen van het bestrijdingsmiddel Ridomil op zijn percelen binnen het grondwaterbeschermingsgebied Reuver. De schade werd geraamd op circa €36.863,51. Verweerders wezen het verzoek af omdat het verbod op Ridomil gebruik volgens hen voortkomt uit de Bestrijdingsmiddelenwet en niet uit de Provinciale Milieuverordening Limburg (PMV).
Appellant stelde dat de aanwijzing van het grondwaterbeschermingsgebied via de PMV de beperkende bepalingen van de Bestrijdingsmiddelenwet van toepassing maakte, waardoor de schadeoorzaak in de PMV ligt en vergoeding op grond van de Wet milieubeheer gerechtvaardigd is. Tevens wees hij op onduidelijkheid over het gebruiksverbod en toezeggingen van vergoeding.
De Raad van State oordeelde dat alleen concrete, beperkende bepalingen van de PMV schadevergoeding kunnen rechtvaardigen. De aanwijzing van het gebied zelf is geen zodanige bepaling. Het verbod op Ridomil gebruik is geregeld in de Bestrijdingsmiddelenwet en de PMV voegt daaraan geen nadere normering toe. Daarom is artikel 15.21 van de Wet milieubeheer niet van toepassing en is de afwijzing van de schadevergoeding terecht.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.