ECLI:NL:RVS:2002:AE2042
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- H. Beekhuis
- M. Oosting
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vergunning infiltratie koelwater in grondwatergebied Harderwijk
Gedeputeerde staten van Gelderland verleenden aan het Waterbedrijf Gelderland een vergunning voor het infiltreren van maximaal 250.000 m3 koelwater per kwartaal in het waterwingebied te Harderwijk. Appellanten stelden diverse bezwaren tegen deze vergunning, onder meer over de locatie, de kwaliteit van het te infiltreren water, en mogelijke risico's voor het grondwater.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat veel van de bezwaren niet op de vergunning zelf betrekking hadden en daarom buiten de procedure vielen. De Raad stelde vast dat de vergunningverlening in overeenstemming is met het provinciale beleid en dat de kwaliteit van het te infiltreren water voldoet aan de geldende normen, mede op basis van deskundigenrapporten en monitoringvoorschriften.
Verder concludeerde de Raad dat de zorgen over mogelijke verontreiniging, legionellabesmetting en botulisme ongegrond zijn, mede door de strikte voorschriften en monitoring. De Raad verwierp het beroep en bevestigde dat de vergunning rechtmatig is verleend zonder vooringenomenheid van de verweerders.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor infiltratie van koelwater is ongegrond verklaard en de vergunning is bevestigd.