ECLI:NL:RVS:2002:AE2079
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. Beekhuis
- J.R. Schaafsma
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vergunning melkrundvee- en mestveebedrijf Wormerland
Bij besluit van 22 mei 2001 verleenden burgemeester en wethouders van Wormerland een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een melkrundvee- en mestveebedrijf. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het advies van het Groene Schild niet was meegewogen en dat milieutechnische criteria onduidelijk waren. De Raad van State oordeelde dat het advies te laat was ingediend om in acht te worden genomen en verklaarde het beroep deels niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig inbrengen van bepaalde bedenkingen.
De vergunning bevatte voorschriften ter beperking van stankhinder, zoals het gebruik van een elektrische mestmixer met tijdsbeperkingen en afdekking van de mixerput. Verweerders baseerden hun beoordeling op de Richtlijn veehouderij en stankhinder 1996 en het Legalisatiebeleid Melkrundveehouderijen 1994, waarbij maatwerk mogelijk is bij bestaande bedrijven. Hoewel de afstand tussen stal en woning van appellant niet voldeed aan de richtlijnnorm van 50 meter, oordeelde de Afdeling dat de stankhinder met de voorschriften tot een aanvaardbaar niveau was teruggebracht.
Appellants bezwaar tegen het ontbreken van een verbod op mestmixen bij zuidwestenwind werd verworpen, omdat dagelijks mixen noodzakelijk is om stankemissies te voorkomen. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond, waardoor de vergunning met de gestelde voorschriften in stand blijft.