ECLI:NL:RVS:2002:AE2145
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- E.M. Ouwehand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning en handhaving illegale nesttoren in agrarisch bestemmingsplan
Appellant had een nesttoren geplaatst op een perceel met de bestemming 'agrarische doeleinden III', waarvoor burgemeester en wethouders geen bouwvergunning verleenden omdat de toren niet voor agrarische doeleinden diende en daarmee in strijd was met het bestemmingsplan.
Na het weigeren van de vergunning en het opleggen van een sloopbevel met dwangsom, verklaarde de president van de arrondissementsrechtbank het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde dat het bestemmingsplan achterhaald was en dat er ruimte moest zijn voor belangenafweging, maar deze argumenten werden verworpen.
De Raad van State oordeelde dat legalisatie van de nesttoren niet mogelijk was en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die afzagen van handhavend optreden rechtvaardigden. Er waren geen toezeggingen van burgemeester en wethouders die vertrouwen konden wekken dat de bouw was toegestaan.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de president werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning en het sloopbevel worden bevestigd.