ECLI:NL:RVS:2002:AE2399
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over last onder dwangsom permanente bewoning voormalige agrarische bedrijfswoning
Burgemeester en wethouders van Texel legden appellant een last onder dwangsom op om een voormalige agrarische bedrijfswoning permanent te bewonen, omdat deze zonder vergunning aan de bestemming tot bewoning was onttrokken. Het bezwaar van appellant werd door het college ongegrond verklaard, maar de president van de arrondissementsrechtbank Alkmaar vernietigde dit besluit en bepaalde dat een nieuwe beslissing moest worden genomen.
In hoger beroep bij de Raad van State werd overwogen dat de last onder dwangsom bedoeld is om overtreding ongedaan te maken of te voorkomen, maar dat de last uitvoerbaar moet zijn binnen de gestelde termijn. Omdat appellant aannemelijk maakte dat hij ondanks inspanningen geen gegadigde voor permanente bewoning kon vinden, was de last niet uitvoerbaar en daarmee in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de president van de rechtbank, oordeelde dat het college de handhavingsbevoegdheid onjuist had toegepast en verklaarde de hoger beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de last onder dwangsom niet uitvoerbaar is en daarmee in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, en verklaart het hoger beroep ongegrond.