ECLI:NL:RVS:2002:AE2405
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid weigering legalisatie geboortebewijs uit probleemland
De zaak betreft het hoger beroep van de Minister van Buitenlandse Zaken tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam die de weigering tot legalisatie van een geboortebewijs uit een probleemland onrechtmatig achtte. De Minister had geweigerd het geboortebewijs te legaliseren omdat de juistheid van het document niet kon worden bevestigd via onafhankelijke, objectieve bronnen zoals betrouwbare registers. De rechtbank oordeelde dat het beleid onredelijk was vanwege de onvolledigheid van de registers in het land van herkomst en vernietigde het besluit.
De Raad van State overweegt dat het beleid van de Minister, waarbij standaard twijfel wordt geuit over documenten uit het probleemland en de aanvrager de last heeft om de juistheid via objectieve bronnen aan te tonen, niet kennelijk onredelijk of onjuist is. De Raad benadrukt dat de Minister rekening heeft gehouden met de problematiek van vervalste documenten en dat het ontbreken van een verificatie-onderzoek rechtvaardigt dat de weegkaart als op zichzelf staand document geen waarde krijgt toegekend.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank Amsterdam en verklaart het beroep van verzoeker ongegrond voor zover het gericht is tegen de weigering tot legalisatie. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Minister wordt gegrond verklaard en het beroep van verzoeker tegen de weigering tot legalisatie wordt ongegrond verklaard.