ECLI:NL:RVS:2002:AE2813
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen verlening drank- en horecavergunningen door landelijk opererende stichting
Burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer verleenden in 2000 diverse drank- en horecavergunningen aan lokale verenigingen. De landelijk opererende stichting appellante maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar dit bezwaar werd door burgemeester en wethouders niet-ontvankelijk verklaard. De president van de arrondissementsrechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond.
Appellante stelt zich ten doel eerlijke mededinging in de horeca te bevorderen en paracommercialisme tegen te gaan. De Raad overweegt echter dat het afdwingen van naleving van artikel 3a van de Drank- en Horecawet een belang betreft dat zich leent voor collectieve behartiging op lokaal of regionaal niveau. Omdat de vergunningen plaatselijk of regionaal van aard zijn, kan een landelijk opererende stichting niet rechtstreeks in haar belang worden getroffen.
De Raad wijst erop dat rechtstreeks getroffen horecaondernemers zelf bezwaar kunnen maken tegen dergelijke besluiten. Vrees voor repercussies rechtvaardigt geen afwijking van deze regel. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de president en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de landelijk opererende stichting wordt ongegrond verklaard omdat zij niet rechtstreeks in haar belang is getroffen.