ECLI:NL:RVS:2002:AE3323
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- E.M.H. Hirsch Ballin
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vervallen belang bij handhaving varkenshouderijvergunning
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen een besluit van burgemeester en wethouders van Hof van Twente waarin hun verzoek tot handhaving van de vergunningvoorschriften met betrekking tot de varkenshouderij van een derde werd afgewezen. De handhaving betrof het terugbrengen van de veebezetting tot het niveau van een vergunning uit 1978.
In 2001 hebben verweerders een revisievergunning verleend op grond van artikel 8.4 van de Wet milieubeheer, welke op 15 februari 2002 onherroepelijk is geworden. Hierdoor is de oude vergunning van 1978 van rechtswege komen te vervallen.
Omdat de oude vergunning niet meer van kracht is, bestaat er geen procesbelang meer bij het beroep van appellanten. De Raad van State verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel procesbelang.