ECLI:NL:RVS:2002:AE3604
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Beëindiging verstrekkingen aan asielzoeker wegens onvoldoende medewerking aan reisdocument
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) beëindigde op 30 november 2000 de verstrekkingen aan appellant, een asielzoeker, omdat deze onvoldoende medewerking verleende aan het verkrijgen van een vervangend reisdocument. Appellant maakte bezwaar en stelde dat hij wel degelijk voldoende had meegewerkt en dat de verstrekkingen niet mochten worden beëindigd voordat de ambassade van Mauretanië had gereageerd op de aanvraag.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. Deze oordeelde dat het stappenplan voor beëindiging van opvangvoorzieningen aan ongedocumenteerde asielzoekers gevolgd was en dat het COA zich terecht op het standpunt stelde dat appellant onvoldoende inspanningen had verricht om een reisdocument te verkrijgen. Uit het dossier bleek dat appellant lange tijd geen contact had gehad met de autoriteiten of familie en geen brieven had geschreven, ondanks uitnodigingen van de Internationale Organisatie voor Migratie.
De Raad van State bevestigde dat het beleid niet vereist dat de ambassade moet reageren voordat verstrekkingen worden beëindigd en dat het feit dat appellant later alsnog contact zocht met de autoriteiten geen reden is om de verstrekkingen te hervatten. Het hoger beroep werd kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de beëindiging van verstrekkingen wegens onvoldoende medewerking aan het verkrijgen van een reisdocument.