ECLI:NL:RVS:2002:AE3695
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- M. Oosting
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen saneringsplan bodemverontreiniging Amsterdam
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van burgemeester en wethouders van Amsterdam om een saneringsplan voor bodemverontreiniging in fasen uit te voeren, waarbij een geoptimaliseerd IBC-beheersysteem wordt toegepast. De Stichting Milieucentrum Amsterdam bracht geen bedenkingen in tegen het ontwerpbesluit en werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Stichting Wijkcentrum Staatslieden- en Hugo de Grootbuurt maakte bezwaar tegen het saneringsplan, met name vanwege de vrees dat de verontreiniging zich buiten de gevalsgrenzen zou verspreiden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat het saneringsplan in twee fasen is verdeeld, waarbij de eerste fase al is uitgevoerd en de tweede fase bestaat uit een flexibel beheerssysteem met monitorings- en onttrekkingsfilters. Hoewel het systeem enige verspreiding buiten de gevalsgrenzen toelaat, is dit volgens de Afdeling gerechtvaardigd vanwege ruimtelijke en milieuhygiënische redenen. Verweerders hebben aannemelijk gemaakt dat het systeem adequaat functioneert en dat de plaatsing van onttrekkingsfilters in zandlaagbodems problemen voorkomt.
De Afdeling verwierp de bezwaren van appellanten over onvoldoende pompproeven en een enkele waarneming van onvoldoende waterstroming. Er was geen aanleiding om aan te nemen dat het systeem niet naar behoren zou functioneren. Het beroep van Stichting Milieucentrum Amsterdam werd niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van Stichting Wijkcentrum Staatslieden- en Hugo de Grootbuurt ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Beroep Stichting Milieucentrum Amsterdam niet-ontvankelijk, beroep Stichting Wijkcentrum Staatslieden- en Hugo de Grootbuurt ongegrond verklaard.