ECLI:NL:RVS:2002:AE4599
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- H. Beekhuis
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning varkenshouderij wegens strijd met ammoniakreductieplan
Bij besluit van 21 augustus 2001 verleenden burgemeester en wethouders van Uden een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een varkenshouderij met 3.468 vleesvarkens, terwijl de vergunning voor 172 vleesvarkens werd geweigerd. Appellanten stelden onder meer dat onterecht geen milieueffectrapport was opgesteld en dat de vergunningverlening in strijd was met het ammoniakreductieplan.
De Raad overwoog dat de wijziging van de vergunningaanvraag in 2001 niet zodanig ingrijpend was dat sprake was van een nieuwe aanvraag, zodat geen milieueffectrapport vereist was. Het belangrijkste geschilpunt betrof de toepassing van het emissie-stand-still-beginsel uit het ammoniakreductieplan. Verweerders hadden de beste-locatiemethode toegepast, die hervestiging op een gunstiger locatie mogelijk maakt.
De Raad stelde echter vast dat hervestiging in het ammoniakreductieplan alleen geldt bij verplaatsing van een bestaand bedrijf binnen de gemeente, en niet bij nieuwvestiging. De vergunning voor een andere veehouderij was ingetrokken, maar niet om hervestiging mogelijk te maken. Daarom was de toepassing van de beste-locatiemethode onterecht en was het besluit in strijd met de Interimwet en het ammoniakreductieplan.
Het beroep van appellant sub 4, die de gedeeltelijke weigering aanvocht, werd ongegrond verklaard. De beroepen van appellanten sub 1, 2 en 3 werden gegrond verklaard en het besluit vernietigd. De gemeente Uden werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierechten aan deze appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor de varkenshouderij wordt vernietigd wegens strijd met het ammoniakreductieplan en de Interimwet.