ECLI:NL:RVS:2002:AE4849
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- S.M. Schothorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake wijziging en terugvordering huursubsidie op grond van de Wet IHS
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer om de toegekende huursubsidie over het tijdvak 1995/1996 te wijzigen en een bedrag terug te vorderen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde het besluit van de staatssecretaris.
Appellant stelde dat de wijziging onterecht was vanwege het niet meer terugkomen van artikel 10, vijfde lid, van de Wet IHS in de Huursubsidiewet en voerde bezwaren aan tegen de gehanteerde vermenigvuldigingsfactor. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de bepalingen van de Wet IHS blijven gelden voor subsidietijdvakken die onder die wet zijn aangevangen en dat de gebruikte vermenigvuldigingsfactor overeenkomstig de wet correct was toegepast.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 3 juli 2002.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.