ECLI:NL:RVS:2002:AE4890
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- C.E.C.M. van Roosmalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuursrechtelijke aanschrijving tot opruimen en onderhoud woning en terrein
Appellant is door het dagelijks bestuur van de deelgemeente Feijenoord aangesproken om binnen vier werkdagen vuil, afval en overmatige begroeiing op zijn perceel te verwijderen, onder bestuursdwang en bij voorraad. Het bezwaar van appellant tegen deze aanschrijving werd door het dagelijks bestuur en later door de rechtbank ongegrond verklaard.
In hoger beroep betoogde appellant onder meer dat hij ten onrechte geen vooraanschrijving had ontvangen en dat de goede procesorde was geschonden. De Raad van State verwierp deze bezwaren, stellende dat vanwege de aard van de situatie (ernstige hinder en bestuursdwang bij voorraad) het horen vooraf achterwege kon blijven en dat appellant via zijn gemachtigde voldoende gelegenheid had gehad om het woord te voeren.
De Raad van State bevestigde dat het dagelijks bestuur terecht bevoegd was de aanschrijving te doen uitgaan op grond van de Woningwet en de Bouwverordening Rotterdam. De ernstige vervuiling, stankoverlast en wildgroei waren voldoende onderbouwd met rapportages van de gemeentelijke gezondheidsdienst en woningtoezicht. Ook was de termijn van vier werkdagen redelijk, ondanks dat appellant het besluit later ontving. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.